Familie/organisatie
opstellingen

familieopstelling website.jpg

Familie en/of organisatie opstelling

Een opstelling kan jou helpen inzicht te krijgen in waarom je dingen doet zoals je ze doet. Een opstelling is een krachtige en uiterst effectieve manier om het onderbewuste inzichtelijk te maken.

Wanneer je merkt dat het in familie/vrienden/werkkring niet lekker loopt, zijn er vaak verstoringen in één of meer van de universele wetmatigheden van een systeem. 

Ordening:

Iedereen heeft binnen een systeem een eigen plek met de daarbij behorende verantwoordelijkheid, waarbij de eerst geborene in een familie voorrang heeft op de daarna komende. Tijd is daarmee dus een belangrijke factor in de ordening. De oudste heeft andere rechten en plichten in een familie dan bijvoorbeeld de jongste.

Of: wie was er het eerst in de organisatie? Dit staat soms loodrecht op de hiërarchie binnen een bedrijf. De nieuwe baas bekleedt de hoogste positie maar komt er als laatste bij. Op gevoelsniveau kan dit betekenen dat hij als laatste in de ordening hoort. Terwijl hij hiërarchische gezien de eerste plek inneemt.

 

Balans in geven en nemen:

Balans betekent afstemmen op de ander en voeling hebben voor de ander én voor de juiste mate waarin (dit is cultuurgebonden). Het leven nemen is verantwoordelijkheid nemen voor je bestaansrecht.  Een systeem is voortdurend op zoek naar balans en verlangt dat ieder zijn juiste plek heeft. Het niet respecteren van de universele natuurwetten verstoort het evenwicht. Zo ontstaat er disbalans die zowel van invloed is op het individu als op de groep.

In het horizontale vlak is geven en nemen gerelateerd aan partnerschap, de ik-/jij relatie. Als ik de ander iets geeft, voelt de ander zich (van binnenuit) verplicht om iets terug te geven, enz. Zo ontwikkelt zich een interactie. Dit kan zowel in het positieve als in het negatieve optreden. Bij weigering om te geven of te ontvangen/nemen stopt de interactie.

In het verticale vlak is geven en nemen gerelateerd aan de ouder/kind relatie. Ouders geven aan de kinderen en kinderen nemen van de ouders en geven weer door aan hun kinderen. Volwassenen die altijd ontevreden zijn omdat ze van hun ouders niet genoeg hebben gekregen, ontwikkelen vaak een ouder-/kindrelatie met de werkgever of met hun partner. Hierbij willen ze nemen, zoals dit bij een ouder-/kindrelatie passend is. Dit is echter een niet passende innerlijke houding in een werkrelatie of in een gelijkwaardige partnerrelatie, waardoor grote problemen kunnen ontstaan. 

 

Erbij horen:

Het is een universele wetmatigheid dat je bij de soort ´mens´ hoort omdat je bestaat. Je hoort bij je familie omdat je daarin bent geboren. Dat is blijvend. Je hoort er dus automatisch bij en daar kun je nooit vanaf, zelfs als je zou willen. Binnen het systeem heeft iedereen dus evenveel recht op een plek. Maar erbij horen is ook gerelateerd aan groepsregels. Je dient je aan te passen aan de regels. Afwijken hiervan roept altijd een diepe angst op om uitgestoten te worden en werkt tegengesteld aan verandering en persoonlijke ontwikkeling. Groepen waarvoor je wel kunt kiezen zijn bijvoorbeeld vrienden, werk, organisaties, buurt.

 

Erkennen wat er is:

Het gegeven nemen zoals het is, aanvaarden in de juiste grootte, moeilijkheden, of zwaarte, zonder iets te willen veranderen. Het is een bevestiging dat alles is zoals het is en er ook mag zijn. Een helend principe.